Formele reliëfs

Beeldend werk kan zonder verhaal, echter niet zonder kernelementen. Waar gaat het in feite om? Het draait steeds om materie, vorm, ritme en kleur. Met deze elementen kun je alles uitbeelden zonder iets op te dringen. Ieder kan zijn eigen associaties volgen of het beeld accepteren zoals het is, zonder verdere bijgedachten.

Ik heb gekozen voor karton, omdat het pretentieloos is. Je kunt het beschilderen (dat hoeft niet) en je kunt het in elke vorm snijden. Die afzonderlijke vormen laten zich stapelen en/of schakelen. Je bent niet aan een vierhoekige buitenmaat gebonden of welke vooraf bepaalde vorm dan ook; de kartons kunnen iedere willekeurige vorm aannemen. Je kunt ze zo plat maken als je wilt of zo hoog als je wilt. Twee-dimensionaal of drie-dimensionaal. Net wat je zelf interessant vindt. Dat biedt een enorme vrijheid. En dan begint de moeilijkheid. Want waar kies je voor? "Der Meister zeigt sich in der Beschrãnkung" indachtig heb ik gekozen voor één basisvorm in drie breedtes (S, M, L) en ben hiermee gaan puzzelen. Ik begon met één kleur en gebruikte later meerdere kleuren. Of ik gaf de zijkanten een contrasterende kleur zodat naast de vlakke vormen ook een lijnenspel zichtbaar werd. Soms had ik al bij aanvang een of meerdere kleuren in gedachten, soms werden de kleuren gevonden nadat de vorm klaar was. De geassembleerde vormen riepen al snel associaties op, zoals: schilden (Afrikaanse of Indische), autobanden, een insect, een brandend braambos, een bananenrokje, een hond, confetti. Of er kwam niets. Je zoekt automatisch naar herkenningspunten. Toch, hoe je ze ook wendt of keert, zijn de kartonnen betekenisloos, dus staat het iedereen vrij erin te zien wat hij/zij wil. Daardoor, en door hun onorthodoxe materiaal, hun vorm, hun kleur, het ritme, zijn de kartons speels en doorbreken ze de verwachtingen.

.